Leren en verbeteren

In gesprek met de drie regio Noord ambassadeurs van OZJ

V.l.n.r. Martine Brouwer, Elske Algra en Hemmala Sheerbahadoersing, regio-ambassadeurs van regio Noord bij OZJ.

De ingrediënten: drie OZJ-regio-ambassadeurs in de regio Noord, een vanuit het cliëntperspectief, een vanuit het aanbiedersperspectief en een vanuit het gemeenteperspectief. Voeg deze drie bij elkaar en wat krijg je? Een verbindend netwerk. In gesprek met Martine Brouwer, Elske Algra en Hemmala Sheerbahadoersing komen we erachter wat deze dames drijft, waarom ze elkaar aanvullen en waar ze trots op zijn.

TEKST: Kirsten Wind
BEELDBEWERKING: Ismay Gossen

Vanuit het OZJ zijn er in iedere regio drie regio-ambassadeurs benoemd, die elk vanuit het eigen perspectief deze rol vervullen. Dus vanuit aanbieders-, cliënt- en gemeenteperspectief. Deze drie invalshoeken maken de zogeheten gouden driehoek. In Noord-Nederland (Friesland, Groningen en Drenthe) geven de regio-ambassadeurs dat ook sterk gezamenlijk vorm. ‘Ik vind het heel waardevol om inkijk te krijgen in de andere perspectieven, in plaats van alleen vanuit het cliëntperspectief’, vertelt Martine. ‘Het helpt mij om mijn achterban duidelijk te maken dat er heel veel werk en inzet aan vooraf gaat om uiteindelijk de jeugdhulp te kunnen leveren die nodig is. Maar ook om uit te leggen waarom dat soms niet mogelijk is. Ik kan een bijdrage leveren aan het begrip hiervoor.’ De andere ambassadeurs beamen dat het helpt om elkaar te begrijpen en daardoor gemakkelijker verbindingen te leggen. Daarom komen ze eens per maand samen om ‘live’ in gesprek te gaan, elkaar op de hoogte te brengen van relevante zaken en vooral te kijken waar ze de regio kunnen ondersteunen.

Een olifantenpaadje. De verbindingen die de regio-ambassadeurs leggen, kunnen worden gezien als olifantenpaadjes.

Verbindend netwerk

Eigenlijk zijn de dames niet zo enthousiast over de term ‘gouden driehoek’. Ze spreken liever over een verbindend netwerk. De regio-ambassadeurs leggen niet alleen verbindingen die er nog niet waren, maar helpen deze ook sneller tot stand te laten komen door de inzet van het landelijk, regionaal en lokaal netwerk. Je kunt het eigenlijk omschrijven als het creëren van olifantenpaadjes, of het verder inslijpen van die paadjes zodat het voor iedereen duidelijk is wat de snelste route is.

Een kritische noot die de regio-ambassadeurs maken is dat er ook nog veel kansen liggen om meer verbinding te maken tussen de verschillende programma’s die er zijn. Met de decentralisatie worden er landelijk en regionaal verschillende programma’s opgetuigd die sterk op elkaar lijken. Hierdoor ontstaat er wel versnippering en dat komt de ontwikkeling van de jeugdzorg dan weer niet ten goede. Gelukkig worden er nu ook programma’s samengevoegd en ontstaat er verbinding. ‘Het mooiste is als we onszelf op den duur overbodig kunnen maken. Als we duurzame verbindingen hebben gecreëerd en het jeugdzorglandschap nog beter gaat werken’, aldus Hemmala.

Naast een rol als verbinder, zijn de regio-ambassadeurs vertalers naar de regio. ‘Veel dingen die landelijk ontwikkeld worden hebben echt een regionale vertaalslag nodig. Soms zit dat in terminologie, maar ook stellen we vaak de vraag: is dit wat onze regio nodig heeft? We kijken echt met de bril van de regio en proberen zo de verbinding te houden met de landelijke ontwikkelingen. Dat betekent soms dat we dingen ook niet doen.’

‘Ik zit letterlijk aan tafel als ambassadeur voor het cliëntperspectief en dat is naar mijn mening zeer waardevol voor het zorglandschap’

Trots

De regio-ambassadeurs zijn nu ruim een jaar echt op dreef. We vroegen ze waar ze nu trots op zijn. ‘Ik ben trots op onze regio, wanneer ik bijvoorbeeld met de transformatiemanagers praat en hoor wat er allemaal gebeurt. Ik ben ook trots op de bijdrage die ik vanuit deze rol kan leveren voor mijn achterban, de jeugdhulpaanbieders. Ik mag ze vertegenwoordigen aan verschillende tafels. Hierdoor kan ik ze een spiegel voorhouden en ze kritische vragen stellen. Dit allemaal met het doel om de jeugdhulp te verbeteren’, vertelt Elske.

Omdat het regio-ambassadeurschap een zichtbare functie is, merkt Martine op dat het cliëntperspectief daarmee zichtbaar wordt. ‘Ik ben gevraagd om voor een mooi project in het Noorden een inleiding te schrijven voor het eindrapport vanuit het cliëntperspectief. De visie van cliënten in zo’n rapport opnemen, was nooit zomaar gebeurd als ik deze rol niet had. Ik zit letterlijk aan tafel als ambassadeur voor het cliëntperspectief en dat is naar mijn mening zeer waardevol voor het zorglandschap.’

Hemmala vult aan: ‘OZJ zit overal aan tafel. Als regio-ambassadeurs plukken wij daar de vruchten van. We hebben rechtstreekse informatie vanuit het land voor onze regio en kunnen helpen de vertaling te maken. Andersom kunnen we de vraagstukken en ideeën uit de regio adresseren aan een landelijke tafel. Een mooi voorbeeld was aan het begin van de coronaperiode. Omdat we vanuit OZJ heel snel wisten wat de lijn vanuit het ministerie van VWS zou zijn, waren we in staat om onze jeugdhulpaanbieders duidelijkheid te bieden over de financiële mogelijkheden en regelingen. Dit zorgde ervoor dat het jeugdhulplandschap zo goed mogelijk intact bleef tijdens een onzekere periode. Een ander voorbeeld is dat ik betrokken werd bij de dialoog over de vastgoedgelden voor Jeugdhulp Plus. Door onze input is er een andere verdeling gekomen van de gelden. Deze doet meer recht aan de problematiek in onze regio. Dat vind ik wel een fantastisch resultaat.’

‘Ik hoop dat iedereen dezelfde zorg kan krijgen, ongeacht waar je wieg staat’

Regionale wens

Martines toekomstdroom is dat het vanzelfsprekend is dat alle betrokken partijen aan één tafel zitten als het gaat om jeugdhulpverlening. Dus tijdens het beleid maken en bij de inkoop horen beleidsmakers, professionals maar ook ouders, cliënten en ervaringsdeskundigen betrokken te zijn. Ze hoopt vooral dat deze samenwerking soepel en gelijkwaardig verloopt. ‘Zonder elkaar kun je jeugdhulpverlening niet veranderen.’

Elske: ‘Het is mijn streven dat jeugdzorg voor iedereen toegankelijk is die het nodig heeft. Dat ieder kind en zijn omgeving gezien en gehoord wordt en dat we met elkaar datgene doen wat werkt!’ Voor Hemmala is haar droom niet alleen vanuit gemeenteperspectief, ook niet alleen vanuit de jeugdzorg. Haar ideaal is dat de zorg in de breedte betaalbaar en kwalitatief zijn voor diegenen die het echt nodig hebben. Jeugdhulpverlening draagt daar aan bij, de gemeente draagt daar aan bij, iedereen draagt daar aan bij. ‘Uiteindelijk gaat het erom hoe wij als BV Nederland naar de zorg kijken, inclusief het voorkomen van dure zorg door preventie en van ziekte naar gezondheid en gedrag. Ik hoop dat iedereen dezelfde zorg kan krijgen, ongeacht waar je wieg staat. Dit kunnen we alleen samen realiseren, lokaal, regionaal, landelijk op een lijn, dus: partnerschap en een gedeelde visie.’

Ook interessant